Net niet geveld.

Wanneer ik aan het praten ben durf ik al wel eens beeldspraak te gebruiken. Daarom ook hoeven jullie niet te verschieten om eens een ander verhaal te lezen.

Niet zo heel ver hier vandaan was er een prachtig bos waar elfjes, kabouters, dwergen en kobolds vredig naast elkaar leefden. Het was ook de tijd dat de bomen nog konden praten. In dat mooie bos bloeide en groeide alles dat het een lust voor het oog was. Tot plots een van de elfjes in alle staten verkeerde. Wat was er nu toch aan de hand? Niemand die dit in de verste verte had zien aankomen. Er moest al iets heel ernstig aan de hand zijn om een van de elfjes zo van streek te krijgen. Na lang aandringen vertelde het elfje aan de grote kabouter, dat de mooie, dikke boom in de zesde dwergenrij het aan het begeven was. De rollerboom, zoals hij noemde, was een stevige boom met een mooie kruin die vele diensten had bewezen. Wanneer de grote vuurbol hoog in de lucht stond, vonden alle levende wezens uit het grote bos er verkoeling. Nu hingen de takken er slap bij. Zij hadden hun sterke armen laten hangen en alle blaadjes dreigden hun houvast te verliezen. De rollerboom was eigenlijk van een heel klein, nietig boompje uitgegroeid tot wat hij nu was. Niet zo heel groot maar wel heel mooi rond en stevig met mooie sterke takken waar menig kaboutertje zich in verstopte voor de gekke kobolds. Iedere bosbewoner hield van de kleine, ronde boom. Tja, zei de grote kabouter, dit is niet normaal, wacht hier even, dan zal ik eens gaan kijken wat er aan de hand is met ons rollerke. Ben zo terug. De grote dwerg haastte zich naar de rollerboom en hij zag reeds van ver dat hier iets niet snor zat. Het was er vreemd rustig. Alle levende wezens in de buurt keken heel ongelukkig want ze wilden allemaal graag hun leutige vriend terug. Wel dikke vriend, wat krijgen we hier en nou? Dit kan toch niet, jij bent toch niet ziek? Ach grote dwerg, ik ben wel ziek, het is me allemaal wat veel aan het worden. Ik heb een hele grote, sterke kruin op mijn korte ronde stam en iedereen laad mijn kruin maar vol met  stevige touwen of er  komt een grote hangmat onder hangen. De kobolds vinden er niet beter op dan in mijn dikke stam te kerven, soms tot in mijn ziel. Heel dikwijls hebben mijn takken gekreund onder al dat gewicht maar nu  dreigen er enkele dikke takken te breken Ik voel mijn krachten wegvloeien en dat maakt mij zo triest. Zo gaat deze ballon, allee ik bedoel kruin niet op hoor. Met alle dwergen maar niet met den deze. Jij hebt hulp nodig en ik ga die voor jou halen maar er is een klein probleem. De grote dwerg krabt zich achter zijn al te grote oor, ik moet daarvoor naar het grote mensen dorp. Daar woont een goede boomchirurg die je wel weer beter maakt. De toch al slappe takken van rollerboom gingen nog wat meer hangen. Het was immers niet zonder gevaar daar in dat grote mensen dorp. Maak je geen zorgen om mij. Ik neem immers Belder, de waakkobold mee. Die beschermt mij en de grote mensen hebben bang wanneer ze hem zien. Ze weten niet dat hij alleen een beetje boos kijkt maar eigenlijk heel erg lief is. Ik kom zo snel ik kan terug. Jij moet me wel beloven om niet te vertrekken naar het bomenbed. Twee manen later, de takken van rollerboom dreigden het helemaal te begeven toen er plots geritsel in de struiken weerklonk. Alle elfjes waren dolgelukkig toen ze de grote dwerg zagen met achter zich de boomchirurg, gevolgd door Belder. Dat ziet er niet goed uit zei de boomchirurg hoofdschuddend terwijl hij rollerboom van nabij inspecteerde. Toch ben jij nog niet zo oud om nu al uit het sprookjesbos te vertrekken. Er is immers nog geen plaats voor jou in het bomenbed hoor. De elfjes, dwergen, gekke kobolds en al de anderen houden nog te veel van jou en willen je hier niet kwijt. Ik ga ervoor zorgen dat jij weer snel beter word. De boomchirurg strooide wat van zijn magische kruiden over de ronde stam en op de wortels die over het smalle pad dreigde te kronkelen. Nu moet jij heel goed rusten en nog voor er drie grote vuurbollen tussen die witte ballonnen hebben gestaan sta jij weer rond en blozend naar die kleine dwergen te kijken. Wanneer je niet beter word voor de derde grote vuurbol daarboven is moet Belder mij zo snel mogelijk komen halen. De boomchirurg moest voor de kleine rollerboom niet meer gehaald worden want hij heeft zo goed gerust dat alle kleine dwergjes en kobolds heel snel weer in zijn sterke takken mochten spelen. Ze hadden wel geleerd om rollerboom af en toe wat rust te gunnen zodat hij niet meer ziek zou worden.

 

Groetjes van de bomma.

Over Bomma

Ik ben een goedlachse bomma, gelukkig gehuwd met Rene en heb twee schatten van kleinkinderen waarvan de oudste, na de scheiding van zijn ouders, permanent bij ons woont. Ben invalide maar mijn motto is en blijft optimist tot in de kist.
Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s